Een drietal keren heeft Rob Schrama een gehele stad aan het schrijven en dichten gebracht: Amsterdam in 1987, Amersfoort in 1992 en Santa Fe (USA) in 1993.
In ieder mens schuilt een schrijver, die iets aan zijn medemens te vertellen heeft. Het schrijven zelf en de overdracht hiervan naar een ander toe, is een activiteit waaraan iedereen plezier kan beleven. Daarom worden alle mensen in de stad opgeroepen om schrijvend aan de slag te gaan. Ook scholen en culturele instellingen worden benaderd met de vraag om mee te doen en plannen te maken.
Straten fungeren als schoolbord en muren als plakbord. Dichtersguerrillagroepen duiken plotseling en overal op, om een nietsvermoedend publiek op een originele wijze met taal kennis te laten maken. Kranten en radiostations staan open voor allerlei schrijfexperimenten met hun publiek. In een “wensboom” of aan een “vredeswand” hangen bezoekers hun persoonlijke wensen en gedachten op.
In een Taaldrukwerkplaats kan iedereen zelf teksten bedenken en drukken, zowel op klein als op groot formaat. Allerlei vormen van creatief schrijven en drukken worden er spelenderwijs uitgevoerd. Deze teksten worden opgehangen aan gigantische waslijnen, waardoor het straatbeeld in de loop van de dag verandert in een levend en steeds wisselend boekwerk en wordt de stad een vrijplaats voor elke schrijver en dichter.